Blog
Terug naar mijn roots... en misschien ook een beetje naar mezelf.

Inmiddels zitten we al 10 dagen in Tsjechië, op het erf van mijn familie in een dorp vlak bij Litomyšl.
Ook al vond ik het best moeilijk om Nederland voor een tijdje vaarwel te zeggen, op het moment dat ik in Tsjechië aankwam en door het Tsjechische landschap reed, voelde ik weer hoe sterk ik verbonden ben met Tsjechië en hoeveel vreugde het me geeft om hier te zijn.
Mijn familie woont op een plek met ontzettend veel ruimte en we konden onze Blizz parkeren op een fijne plek waar nog een overgebleven stal staat van ruim 200 jaar geleden. Zodra ik de deur van de camper open, kijk ik uit op rozen, een enorme walnotenboom, een hondenhok en... jawel... zelfs een ouderwetse buiten-wc voor gasten. Je weet pas hoe luxe een camper is als je ineens weer een houten deurtje met een hartje erin ziet staan. Alles wat we nodig hebben, ligt hier letterlijk binnen handbereik.. 😉
Elke keer als we op een nieuwe plek aankomen, heb ik even tijd nodig om te landen. Dat geldt nu misschien nog wel meer, omdat ik ook tijd wil doorbrengen met mijn familie. Vooral de kinderen van mijn nichtje zijn altijd dolblij als we komen. Zodra ze ons zien, ben ik officieel eigendom van twee kleine mensjes die vinden dat spelen veel belangrijker is dan werken. En eerlijk... ze hebben gelijk. Gelukkig is er ook een zwembad, waardoor iedereen zich tijdens de warme zomerdagen uitstekend vermaakt en de dagen werkelijk voorbij vliegen.
Na een weekend vol spelen, lachen en familie begon voor mij de nieuwe werkweek weer. Ik ben hard bezig met het maken van online Ayurvedische kookworkshop en en ook de aanvragen voor trajecten stromen geleidelijk binnen. Heel dankbaar voor.
Tussendoor maakte ik vooral veel tijd vrij voor mijn ouders. Dat we besloten hebben ons huis te verkopen, in een camper te gaan wonen en te gaan reizen, is bij mijn ouders bepaald niet in de koude kleren gaan zitten. Ze vonden het helemaal geen goed plan en maakten zich grote zorgen.
Dat is trouwens één van de grote verschillen die ik ervaar tussen Nederland en Tsjechië. In Nederland waren de meeste reacties enthousiast en bemoedigend. Veel mensen zeiden zelfs: "Wat gaaf! Dat zouden wij ook wel willen, als we het durfden."
In Tsjechië daarentegen werd ik vooral aangekeken met grote ogen, ongeloof en een blik die leek te zeggen: "Zijn jullie helemaal gek geworden?" En mijn ouders? Die vroegen zich dat waarschijnlijk nóg iets vaker af en maakten zich grote zorgen over ons. Maar ook dat moet bij hun landen en ze wennen langzaam aan het feit dat het echt is en dat het misschien zo erg niet is.
Omdat ik eigenlijk nooit een echt goede band met mijn moeder heb gehad, voelde ik dat dit de tijd is waarin er tussen ons iets mag veranderen. Ik geloof dat dingen gebeuren met een reden en dat ik nu meer tijd heb om bij mijn ouders te zijn, is volgens mij geen toeval. Misschien vind je het interessant om te weten wat mijn achtergrond is en zo niet, lees dan vooral niet verder. 😊
Ik was altijd anders dan de andere kinderen en mijn moeder vond dat eigenlijk nooit leuk. Ze komt uit de naoorlogse generatie, is opgegroeid in een dorp tijdens het communisme en kreeg geen kans om te studeren, omdat haar moeder had besloten dat ze als oudste moest gaan werken. Zo belandde ze op haar vijftiende in een vleesverwerkende fabriek. Een jaar daarvoor had haar vader een ernstig ongeluk gekregen waardoor hij niet meer kon lopen. Hij kwam in een rolstoel terecht en verbleef in een verpleeghuis waar hij 2 jaar later stierf.
Ondertussen moest mijn moeder ook nog voor haar jongere zusje en broertje zorgen, omdat haar eigen moeder andere dingen aan haar hoofd had. Haar leven was niet makkelijk en ze leefde eigenlijk voortdurend met veel stress en angsten. Op haar zeventiende werd ze zwanger en trouwde ze, met een dikke buik, net achttien jaar oud met mijn vader, die nog geen tweeëntwintig was. Datzelfde jaar kregen ze een zoon en vier jaar later werd ik geboren.
Het leven in de Tsjechische dorpen bestond toen voornamelijk uit hard werken voor de staat en daarnaast zorgen voor een zo veel mogelijk zelfvoorzienend leven. Er was eigenlijk altijd werk, behalve in de winter. Dan gingen we vaak in weekenden skiën of langlaufen, omdat er toen nog volop sneeuw lag.
Maar zodra de tijd van het jaar begon waarin de aarde weer vruchtbaar werd, begon ook het seizoen van zaaien, aardappelen poten, de moestuin klaarmaken en ondertussen alle dieren voeren, want we hadden konijnen, kippen en een varken. Die moesten gevoerd en verzorgd worden, in de zomer moest het gras gemaaid worden, het hooi gedroogd, de aardappelen uit de grond gehaald, fruit verwerkt en ingemaakt worden... en voor je het wist begon het hele ritueel weer opnieuw.
Ik zag mijn ouders niet veel en van een gesprek of echt met elkaar praten was eigenlijk geen sprake. Ik was vaak alleen en mijn redding was de natuur. Ik was veel buiten en genoot van bloemen, bosbessen plukken, paddenstoelen zoeken en met andere dorpskinderen spelen. Elke zomer ging ik twee weken naar een zomerkamp, wat ik geweldig vond, en de rest van de vakantie bleef ik meestal bij mijn opa en oma in een ander dorp.
Samen op vakantie gaan gebeurde slechts twee keer. Toen ik zes was, gingen we met mijn ouders een week naar Hongarije met een groep vrienden en toen ik twaalf was, gingen we naar Joegoslavië. Het was voor mij onbeschrijfelijk toen ik voor het eerst de zee zag, het strand en die heerlijk geurende lavendel. Sommige geuren kunnen je tientallen jaren later nog steeds in één seconde terugbrengen naar dat ene moment.
Zo was het leven in Tsjechië voor veel mensen die op het platteland woonden. Hard werken en af en toe genieten van even vrij zijn, meestal met veel eten, drinken en feestjes. Het was een simpel, ongecompliceerd en onbewust leven.
In die tijd moeten we als "Pioniers" (de communistische jeugdbeweging) regelmatig bij elkaar komen om activiteiten te doen. Ik had geluk dat onze leidinggevenden vrije zielen waren en de activiteiten vonden voornamelijk plaats in het bos en in weekenden reisden we met de trein of bus naar een mooie plek in de natuur, waar we een paar dagen verbleven. We hadden alleen een slaapzak mee, een warme jas voor de koude nachten, een pannetje, een lepel, instantsoep en wat geld om onderweg iets te eten in de cafés die overal te vinden waren. We zaten vaak bij een vuurtje ergens in een bos of onder een rots, water haalden we bij een bosbron en we waren daar gewoon. Sommeggen hadden een gitaar mee en we zongen met z'n allen verschillende lidjes.
Daardoor leerde ik ook een gitaar spelen en later nam ik mijn eigen gitaar mee en speelde en zong ik bij het kampvuur mee.. Zo hebben we ontzettend veel tijd doorgebracht in de natuur en konden we misschien wel voor het eerst proeven hoe vrijheid smaakte.
Vanaf mijn veertiende zat ik op een middelbare economische school en omdat het niet mijn eigen keuze was, had ik ook geen motivatie of inspiratie om daar echt mijn best voor te doen. In die tijd verzette ik me steeds meer tegen mijn moeder, omdat zij van mij iemand wilde maken die ik helemaal niet was. Wie ik wél was en welke keuzes ik maakte, vond ze meestal niet goed en daar had ze ook heel vaak kritiek op. Dat gevoel van "niet goed genoeg zijn" zat daardoor behoorlijk diep in mij.
Voor mijn moeder was het altijd heel belangrijk wat andere mensen van ons vonden. Ze wilde niets liever dan dat haar kinderen voldeden aan het beeld van een "goed leven", zoals dat toen werd gezien. Een goede opleiding, een vaste baan, het liefst bij de overheid, want dat gaf zekerheid en aanzien, een mooi huis, een grote auto en vooral geen gekke dingen doen waar anderen iets van konden vinden. Dat was voor haar succes en veiligheid.
Alleen paste ik daar helemaal niet in. Ik was nieuwsgierig, eigenwijs, gevoelig en wilde vooral mijn eigen weg ontdekken. Ik deed niet wat zij wilde, maakte andere keuzes en volgde mijn gevoel, ook als niemand dat begreep. Daarmee voldeed ik eigenlijk nooit aan het beeld dat mijn moeder van mij had en dat zorgde regelmatig voor botsingen.
Achteraf begrijp ik dat ze mij niet probeerde tegen te houden omdat ze me niet liefhad, maar juist omdat ze dacht dat dit de enige manier was waarop ik een gelukkig en veilig leven zou kunnen opbouwen.
Haar kritiek, angsten, stress en negativiteit zorgden ervoor dat ik op mijn achttiende, direct na mijn eindexamen, wilde vluchten uit het ouderlijk huis. Ik vond snel werk in Praag bij een informatiecentrum, waar ik ook een kamer ter beschikking kreeg, en weg was ik...
Eindelijk vrij, yes!
In 1991 begon ik te werken en te leven in Praag en oh boy, wat heb ik van mijn vrijheid genoten. Toen deed ik alles waar ik zin in had. Ik was volwassen, ik verdiende mijn eigen geld en ik voelde me ongeremd. Niemand die iets negatiefs van me vond en omdat ik een mooie jonge vrouw was, kreeg ik ook veel aandacht van mannen, wat me natuurlijk ontzettend goed deed, maar wat ik vaak verwarde met liefde. Vast herkenbaar voor sommige vrouwen...
Ik wilde graag Engels leren spreken en dus kocht ik een paar zelfstudieboeken, regelde privélessen en zo leerde ik stap voor stap de taal. Later kreeg ik een nieuwe baan bij een bank op de afdeling buitenlandse zaken, waar ik mijn Engels iedere dag kon oefenen. Toen ik na een tijdje besloot dat ik mijn geld wilde verdienen met dansen in nachtbars, ging mijn Engels vooruit. Mijn danscarrière duurde ongeveer een jaar en ik heb daar enorm van genoten, want ik hou nu eenmaal ontzettend van dansen. Dus toen we met een aantal andere vrouwen werden gevraagd om naar Griekenland te gaan om daar te dansen, was "nee" eigenlijk geen optie.
Na drie maanden in Griekenland, een grote liefde te hebben ontmoet, geweldige avonturen te hebben beleefd en me totaal niet bewust te zijn geweest van de gevaren die daar ook waren, terwijl er blijkbaar altijd een bus vol engelen boven mij meevloog, kwam ik weer terug in Praag. Als ik daar nu op terugkijk, denk ik regelmatig: Alena, hoe heb je dat in hemelsnaam allemaal overleefd? Jong zijn is soms heerlijk... omdat je nog niet weet waar je bang voor zou moeten zijn.
Na ongeveer een maand ontmoette ik een Nederlandse man met wie ik een relatie begon en na een paar maanden samen in Praag vertrok ik in september 1994 met hem naar Nederland.
En zo begon opnieuw een compleet nieuw hoofdstuk in mijn leven.
Als ik nu terugkijk, zie ik eigenlijk dat mijn hele leven één groot avontuur is geweest. Steeds opnieuw stapte ik ergens in zonder precies te weten wat me te wachten stond. Ik volgde vooral mijn gevoel en vertrouwde erop dat het wel goed zou komen. Dat vertrouwen heeft me op prachtige plekken gebracht, maar eerlijk gezegd ook in situaties waarin ik nu waarschijnlijk eerst drie keer zou nadenken voordat ik "ja" zou zeggen.
Toch geloof ik dat ik al die ervaringen nodig heb gehad om te worden wie ik nu ben. Zonder al die omwegen, fouten, verliefdheden, teleurstellingen, bijzondere ontmoetingen en onverwachte afslagen was ik waarschijnlijk nooit uitgekomen bij Ayurveda, nooit in Nederland terechtgekomen en zeker niet nu met een camper door Europa aan het reizen.
Ik zal de komende tijd meer schrijven over mijn jaren in Nederland, maar voor nu is dit wel even genoeg geschiedenis.
Terug naar het heden.
Voor mij is het nu vooral belangrijk om tijd met mijn ouders door te brengen en daarom help ik mijn moeder waar ik kan. Haar kritiek neem ik inmiddels niet meer persoonlijk, omdat ik nu begrijp dat veel van haar reacties voortkomen uit haar eigen pijn. Vroeger voelde ik voortdurend de behoefte om haar tevreden te stellen, maar tegenwoordig weet ik dat ik dat helemaal niet meer hoef. Dat geeft ongelooflijk veel rust.
Soms probeer ik haar voorzichtig bewust te maken van haar reacties, maar nog veel belangrijker is dat het me steeds beter lukt om haar te accepteren zoals ze is. Ik kan haar niet veranderen en ook niet helpen en misschien is dat ook helemaal niet mijn taak. Wat ik wél kan doen, is haar liefde geven en rustig blijven reageren, ook als zij dat zelf even niet kan.
Om de dag masseer ik haar lichaam, dat vol pijn zit, help ik haar met allerlei praktische dingen en ben ik er gewoon voor haar.
Het bijzondere is dat ik haar in deze tien dagen al door verschillende emotionele fases heb zien gaan. Ze wordt langzaam rustiger, zachter en liefdevoller naar mij toe. Er gebeurt iets wat je niet kunt zien, maar waarvan ik wel voel dat het aan het werk is. De energie tussen ons verandert en dat vind ik misschien wel één van de mooiste cadeaus van deze tijd in Tsjechië..
Omdat ik veel op mijn vader lijk, hebben we eigenlijk nooit problemen met elkaar gehad. We zijn allebei gevoelig en daardoor begrijpen we elkaar vaak zonder veel woorden. Bij hem voel ik nooit dat ik iets hoef te bewijzen of iemand anders moet zijn dan ik ben. Hij heeft alleen zorgen om mij omdat ik zijn dochter ben. Dat is een heel fijn gevoel.
Als ik hier ben, probeer ik altijd minstens één mooie fietstocht met mijn vader te maken door verschillende prachtige omgevingen van Tsjechië. Gisteren hebben we samen ruim 60 kilometer gefietst door het heuvelachtige landschap naar een gebied met prachtige bossen en indrukwekkende rotsformaties. We reden door kleine dorpen waar de oogst net begonnen was, het weer was heerlijk en de lucht was gevuld met de geur van sparren, dennen en bosbessen. Dat zijn van die momenten waarop ik weer besef hoe mooi Tsjechië eigenlijk is en hoeveel rust de natuur mij nog steeds geeft.
En natuurlijk geniet ik ook van het Tsjechische eten, dat mijn moeder nog altijd ontzettend lekker kan maken. Het grote voordeel van hier een eigen plek te hebben, is dat we ook zelf kunnen koken. Zo zorgen we ervoor dat we gezond blijven eten en tegelijkertijd volop kunnen genieten van de Tsjechische lekkernijen waar ik mee ben opgegroeid maar die niet altijd gezond zijn.
Gelukkig hoeft Ayurveda helemaal niet te betekenen dat je nooit meer van de keuken van je moeder mag genieten. Volgens mij zou dat zelfs een beetje zonde zijn. 😉
Tot volgende week.












