Blog

Van het ene eiland naar het andere

Als ik dit schrijf is het 31 december en ik ben al een tijdje kwijt welke dag het eigenlijk is. Ik moet echt in mijn agenda kijken en… oh ja: dinsdag. (Het voelt meer als “dag 47 van de tropen”.)


We hebben gisteren het eiland Koh Phangan verlaten en zijn met de ferry verder gegaan naar Koh Tao, een nóg kleiner eilandje dan het vorige. Dit keer had ik me beter voorbereid op de vaart. Behalve dat ik de grootste en zwaarste boot koos (in de hoop dat die zich zou gedragen als een keurige, stabiele boot), nam ik ook een pilletje tegen zeeziekte.

Nou… de bijwerkingen vielen dus niet mee. Eenmaal aan boord viel ik binnen een half uur in slaap op een bankje dat ongeveer de breedte had van een baguette. Ik werd pas wakker toen we er al waren. De sufheid bleef gezellig aanhouden tot de volgende ochtend… pffff.


Het voordeel van deze eilanden is dat je geen taxi hoeft te zoeken, want ze staan daar al op je te wachten. Ze hopen dat je ze uitkiest, dus binnen no time zaten we in een zware Toyota. En ik snapte al snel waarom ze hier allemaal in zulke zware auto’s rijden: het eiland is eigenlijk één grote, hoge rots. Van de ene kant naar de andere moet je stijgen en dalen over steile wegen die kronkelend door het eiland zijn aangelegd… echt eng. Zeker voor ons Nederlanders, die gewend zijn dat “hoogteverschil” betekent dat je over een stoeptegel rijdt.


Aangekomen bij onze volgende plek stond er een klein restaurantje en een vrouw kwam uit haar houten huisje om ons de richting te wijzen: “Jullie bungalow is daar. De sleutel zit erin.” Oké dan. Lopend over een smal paadje naar beneden kwamen we uit bij een terrasje van een klein bungalowtje waar net een tweepersoonsbed in past, plus een koelkastje, een ventilator en een kastje voor onze spullen. We waren een beetje gedesillusioneerd.

Maar goed, we konden meteen een motor huren en we gingen op zoek naar eten en water. Zoals je misschien weet kun je in Thailand de drinkwater alleen kopen en zeker niet uit de kraan drinken.

Achterop de motor, stijgen en dalen, was ik nog alert genoeg om te bidden tot het universum dat we goed zouden aankomen, dat de remmen het echt deden, en dat mijn vertrouwen niet per bocht zou verdampen. En elke keer als ik afstapte was ik oprecht dankbaar dat we heel waren. 🙏


Uitgehongerd stopten we bij een wegrestaurant om iets te eten, maar binnen een paar minuten voelde ik het al: dit is te veel. Het lawaai van motoren die constant langsraasden was zó heftig dat ik een enorm dilemma kreeg… weer op zoek naar een restaurant of volhouden? Ik heb het volgehouden, maar deze les vergeet ik nooit: geen wegrestaurant meer voor mij in Thailand. Nooit. Nimmer. Klaar.Wat was ik blij toen we eindelijk terug waren op ons rustige plekje. We vielen in slaap in absolute stilte.


En dan die ochtend daarna… de deur ging open en toen hoorde ik… alleen vogeltjes.
Het was een prachtige start van de dag. Ik bleef in stilte op het terras zitten en keek naar spelende eekhoorntjes in de boom naast onze bungalow. De zon kwam net op, de zee was prachtig blauw en stil, en het voelde zo sereen… en toen dacht ik: “Dit is het.”
Het moment van absolute rust in mezelf, waarin ik aan niets denk. Alleen maar ben.

Het strand op vijf minuten lopen is trouwens zoooo ongelofelijk mooi. De baai is omringd door rotsen en het water is nog helderder dan wat ik tot nu toe heb gezien. En dan die duizenden vissen die vlak bij de kust zwemmen… echt een ultieme plek om te snorkelen en te duiken. Het snorkelen werd mijn nieuwe hobby.


Inmiddels is het 4 januari en na drie dagen op Koh Tao zijn we alweer verder gegaan richting Koh Chang. Over Koh Tao kan ik nog zeggen: het is een eiland met prachtige stranden en heerlijk helder water, maar in de drie dagen dat we daar waren, had ik alleen de eerste dag de zee gezien zonder rotzooi. De volgende twee dagen draaide de stroming of de wind en moesten we zwemmen en snorkelen tussen plastic spullen en andere troep. Daar werd ik echt verdrietig van.

De laatste dag, net voordat we weggingen, was het zó erg dat we stiekem naar een luxe resort boven ons zijn gegaan en daar hebben gezwommen in hun heerlijke zwembad. Ik vond het eerst best spannend om iets te doen wat eigenlijk “niet mag”, omdat we geen gasten waren… maar het zwembad was leeg en riep naar ons. Dus ja.
Eerlijk gezegd
was ik ook een beetje trots op mezelf. Dat brave meisje in mij die altijd alles goed wil doen, maar soms is het ook gezond om niet zo braaf te zijn. Nou heb ik ook naast mij een goede leraar wat dat betreft. Mijn lief is graag een "stoute jongen" en trekt zich niet zo veel aan de regels dus we parkeren vaak waar het niet mag, rijden waar het is verboden en nog meer van die dingen waar ik me aan erger....dus we zijn goed in balans hahaha.


De reis naar Koh Chang was ook weer een bijzondere ervaring. Om 11.00 uur moesten we uitchecken en onze taxi stond al op ons te wachten. De taxichauffeur Jack was heel aardig en we mochten onze zware bagage in zijn kantoor laten staan, want onze boot zou pas om 15.00 uur vertrekken. Hij liet ons ook zijn vriend zien, die vogels in kooien heeft. Die kooien hangen ze op bij belangrijke wedstrijden, en als die vogels veel zingen is dat een teken dat ze gaan winnen. Er komen ook best veel mannen naar die vogels luisteren. Echt een heel bijzondere gewoonte.


De stad bij de pier is niet groot, maar wel enorm druk. Er komen vooral veel jongeren en je ziet overal bedrijven waar ze duiklessen en duiktochtjes aanbieden. Iedereen heeft daar een motor en het verbaasde me hoeveel motoren er op zo’n klein eilandje passen. Niet normaal.

De boot vertrok met 1,5 uur vertraging naar Chumphon en vanaf daar gingen we, heel georganiseerd maar ook in een moordtempo, verder met een nachtbus naar Bangkok. Inclusief een avondmaaltijd die je bijna letterlijk in je handen gedrukt kreeg: “Eten in de bus. Nu snel instappen.”
Omdat ik de nacht ervoor bijna niet had geslapen, viel ik in de bus al snel in slaap… godzijdank. De reis duurde zeven uur en omdat ik goed kon slapen, voelde het alsof we er zó waren.


Om 02.00 uur ’s nachts kwamen we ergens in het centrum van Bangkok aan en werden we (weer in hoog tempo) vriendelijk uitgebonjourd uit de bus. Gelukkig was er iemand van de busmaatschappij die het kantoortje opende, zodat we onze zware rugzakken daar konden laten liggen en even “op excursie” konden in de stad.


Mijn eerste indruk in één woord? Crazy!!!! Bangkok slaapt niet. Ik weet niet meer precies waar we waren, maar zodra we de hoek omgingen zag ik overal eetkraampjes, mensen die zaten te eten of te drinken, keiharde muziek uit een bar, dansende mensen, dronken mensen, prostituees… en trouwens: overal in Thailand (niet alleen in Bangkok) is cannabis te koop. Nog meer dan in Amsterdam, dus waarschijnlijk liepen er ook flink wat mensen rond die net iets te relax waren.


Toen ik door die straten liep kreeg ik het gevoel dat dit het dieptepunt is van de maatschappij. Maar gek genoeg voelde ik tegelijk een soort mengeling van lage energie met hoge energie… alles vibreerde door elkaar heen. Na drie rondjes lopen (zodat we onze plek nog konden terugvinden) had ik er genoeg van en zat ik bij een hostel te luisteren naar een dronken Duitse jongen die zijn liefdesverdriet uitgebreid aan mij vertelde. Alsof ik ineens dienst had als nachtdienst-therapeut.


Om 05.00 uur vertrokken we met een klein flesje water en een bananenmuffin met de bus richting Trat. Zes uur later werden we ergens langs de weg (we waren met z’n zessen) uitgezet met de woorden dat we moesten wachten op een andere bus. Heel bijzonder hoe dat gaat. Een half uur later kwam er inderdaad een andere bus ons ophalen en bracht ons naar de pier. Weer wachten, en toen konden we eindelijk op een enorme ferry stappen. Dit keer had ik zeker geen pil tegen zeeziekte nodig, godzijdank. En toen kwamen we eindelijk op Koh Chang.


Ik vroeg mijn lief onderweg naar Trat nog: “Kun je me vertellen waarom we in godsnaam voor Koh Chang en deze lange reis hebben gekozen?” Maar toen we er eenmaal waren, was ik blij dat we dat gedaan hadden. Koh Chang is totaal anders dan alle eilanden tot nu toe. En dat vond ik extra grappig toen ik me realiseerde dat Chang “olifant” betekent, want zo voelde het ook echt, alles voelde hier zwaarder. Niet op een vervelende manier, maar alsof het eiland meer gewicht heeft. Meer massa. Op Koh Tao voelde alles licht en prikkelend. Op Koh Chang voelde het alsof de energie dieper zakt en je vanzelf langzamer gaat lopen.

Zelfs de natuur heeft hier iets imposants. Het eiland is groener, voller, dichter begroeid, en de heuvels voelen minder “speels” en meer “serieus”. Alsof Koh Chang roept: “Ga maar even zitten. Adem. En stop met rennen.” En eerlijk… dat was precies wat ik nodig had.


We hebben een hele fijne en rustige resort gevonden aan de rand van de zee met ruime en moderne bungalows, een klein keukentje en een fijne badkamer, en genoeg ruimte voor mijn yogamat zodat ik ongestoord mijn oefeningen kan doen. De resort is heel klein en de eigenaresse biedt alles aan. Een echte onderneemster: we kregen meteen een motor aangeboden om te huren, een kokosnoot voor een klein prijsje, een Thaise massage die hier goedkoper is dan in de stad, en ze kookt ook zelf het eten uit een uitgebreide menukaart met hele schappelijke prijzen.

Toen ik vroeg hoe we het beste vanaf Koh Chang op tijd op Bangkok Airport konden komen, bood ze aan om ons te brengen (voor geld natuurlijk). Toen voelde me zo opgelucht. Dat was namelijk mijn grootste zorg. Op tijd op een vliegveld zijn voor de vlucht naar Kochi, India. Zijn we wel op tijd? Vinden we een goede verbinding? Moeten we niet eerder weg en in Bangkok overnachten? ’s Avonds in bed, viel het laatste stukje spanning van me af.


Wat me hier gelijk opviel waren de bomen met heel veel gele bloemetjes die hier overal langs de weg groeien. Zó mooi! En ook veel beelden van olifanten en ik zag ergens een poort met de draken die heel ver door gingen met hele lange staarten. Ik kijk mij ogen weer uit!


En er is nu iets wat mijn leven nu al enorm heeft verrijkt behalve het reizen. Ik heb mezelf dit jaar een geweldig cadeau gegeven. Deze maand ben ik begonnen met een online jaarprogramma Kundalini yoga en ik ben mezelf daar heel dankbaar voor.  Pas twee lessen gevolgd, maar het is nu al onmisbaar in mijn leven. Kundalini yoga helpt me veel beter mijn lichaam te voelen. Het zijn uitdagende oefeningen en daarom heb ik het gekocht. .Als Pitta/Kapha heb ik een uitdaging nodig die meer brengt dan alleen het lichamelijke. Ik voel dat ik hiermee mijn lichaam, mijn mind en mijn ziel richting geef, een anker in mijn nieuwe leven, dat soms wankelend, onzeker en uit balans voelt.

Tot nu toe is dat de beste beslissing van dit jaar. Namaste. 🧘‍♀️✨

door alena 27 december 2025
Het mooie en het lelijke van Thailand
door alena 21 december 2025
Ons leven op Koh Phangan en terugkijk naar het begin van het einde
door alena 14 december 2025
Mijn droomreis naar Asie - eerste twee weken Thailand
door alena.iknatuurljk 9 februari 2025
Pijntje hier, pijntje daar......wat gebeurt er in de overgang?
door alena.iknatuurlijk 9 januari 2025
Hoe je balans vindt in de koude en trage energie van Kapha seizoen
door alena.iknatuurlijk 19 december 2024
Van Burn-out naar balans- hoe Ayurveda je kan helpen?
door alena.iknatuurlijk 9 december 2024
Waarom een Ayurvedische ochtendroutine jouw dag kan transformeren?
door duda-wsm 15 oktober 2024
Is je Vata uit balans? Waarom dit de uitdaging van onze tijd is?
door alena.iknatuurlijk 5 september 2024
8 signalen van je lichaam dat je detox nodig hebt
door alena.iknatuurlijk 25 augustus 2024
Overgang van zomer naar herfst: Wat je niet mag missen!